Een afwijking

Politiek is “de (per definitie onvolmaakte) wijze waarop in een samenleving de belangentegenstellingen van groepen en individuen tot hun recht komen - meestal op basis van onderhandelingen - op de verschillende bestuurlijke en maatschappelijke niveaus,” zegt wikipedia. Voordat je erover in debat gaat in de gemeenteraad gebeurt dat onderhandelen over belangentegenstellingen in de fractie. Wij doen dat wekelijks op donderdagavond. Meestal is dat niet zo moeilijk. De leden van een fractie hebben immers vergelijkbare wensen en idealen, anders zouden ze bij een andere fractie zitten, en dus worden ze het meestal wel eens over een onderwerp.

Het onderwerp “afwijkend stemmen” is in uitzonderlijke gevallen relevant. Meestal als twee belangen allebei raken aan de idealen van de partij. Hoe zwaar weegt het dan als de fractie in meerderheid een ander standpunt inneemt dan jouw particuliere mening zou zijn? Ga je dan mee met de fractie, laat je je overtuigen, of houd je vast aan je eigen principes? Juist omdát het zo zelden voorkomt, want doordát je in essentie op dezelfde manier in de wereld staat, is het als je een keer wel iets anders denkt dan de rest ook meteen een heel relevant punt.

Dagblad De Pers meldde begin november dat Kamerleden zelden afwijkend stemmen, omdat dat negatieve gevolgen kan hebben voor hun positie in de fractie. Ik denk dat dat flauwekul is. En ik weet zeker dat het in elk geval binnen de fractie van GroenLinks Wageningen niet zo werkt. Afwijkend stemmen komt zelden voor, gewoon doordat je het meestal met elkaar eens bent. En doordat het een heel ding is als blijkt dat je het binnen je fractie ineens níet met elkaar eens bent. Dan ga je daarover uitgebreid met elkaar in gesprek, inhoudelijk, en meestal kom je dan toch weer tot elkaar. Zonder gedreig of gedoe.

De afgelopen raadsvergadering heb ik er flink over nagedacht of ik inderdaad afwijkend zou gaan stemmen. Het mag, formeel is er niks wat daar tegen is. Een raadslid stemt “zonder last” en mag zich dus laten leiden door zijn eigen overtuigingen. Maar de werkelijkheid is natuurlijk dat je in de raad zit op grond van het aantal kiezers dat op jouw partij heeft gekozen. Meestal is het alleen de fractievoorzitters (of de eerste vrouw op de lijst) gegeven om zoveel voorkeursstemmen te trekken dat hij niet alleen in theorie maar ook in de praktijk op persoonlijke titel in de raad zit. Kan je dan iets anders stemmen dan dat wat de meerderheid van jouw fractie kennelijk wil? Vertegenwoordig je dan nog wel de mensen die op jouw partij hebben gestemd?

Daar staat tegenover dat je natuurlijk wel in overleg met het partijbestuur en met goedkeuring van de partijleden op een verkiesbare plaats bent gezet. Enige persoonlijke vrijheid geeft dat dan weer wel. En daartussen zoek je dan de balans, als raadslid zijnde.

En zo is politiek niet alleen een afweging van maatschappelijke belangen in raad en fractie, maar ook een persoonlijke afweging. Ik heb me uiteindelijk door die maatschappelijke belangen laten leiden. Die waren allebei te verenigen met het gedachtegoed van GroenLinks en dat gaf de doorslag om mijn persoonlijke zwaartepunt te laten prevaleren. De analyse van De Pers raakte in dit geval kant noch wal. Maar ja, ik ben dan ook geen Kamerlid.

2 reacties op dit artikel Laatste reactie: 24 januari 2012 - 21:03

leo | 24 januari 2012 - 15:37 | Link

Bij welk agendapunt twijfelde je of je afwijkend zou stemmen?

Hettie van Nes | 24 januari 2012 - 21:03 | Link

De agenda gaf deze keer voor mij op meerdere onderdelen aanleiding voor terdege overleg. Bij de Lawickse Hof heeft dat daadwerkelijk tot een afwijkende stem geleid. De afwijking was overigens niet zo groot als hij bij vijf fractieleden had kunnen zijn. Ik vertegenwoordigde een minderheidsstandpunt binnen de fractie, maar ik deed dat niet alleen.

Reageer op dit artikel